Een pleidooi voor inconsistent beleid

Blog van trainee Jan Bressers over zijn opdracht in gemeente Oss

Zomaar wat flarden uit gesprekken die ik de afgelopen 8 maanden heb gevoerd:

 

“In plaats van dat ik aan de lopende band sta, heb ik nu mijn eigen marktkraam. Heerlijk, lekker elke dag om 5 uur op staan”– Persoon in bijstandsituatie

“Ik wilde iets doen met mijn vrije tijd, dagbesteding was een optie. Tot ik door een professional werd gewezen op een vrouw uit Argentinië die Nederlands wilde leren, en laat ik nou net 35 jaar in Spanje hebben gewoond. Nu geef ik haar les, inmiddels ook aan Syrische vluchtelingen.”

De proeftuin

De afgelopen periode ben ik uitgestapt bij halte 2 van mijn reis door Brabant, de Osse wijk de Ruwaard. In deze wijk maken ze sinds een jaar of 5 gebruik van de proeftuinaanpak. Een innovatieve werkwijze omtrent zorg, welzijn, wonen, werk en inkomen die is opgericht om de inwoner centraal te zetten. Veel van de betrokken welzijnsorganisaties zijn gebundeld in de proeftuin en maken samen gebruik van een voor vijf jaar vaststaande pot met geld. Problemen worden door alle betrokkenen aan de keukentafel besproken en opgepakt.

De gesprekken met inwoners, de activiteiten in Wijkhuis de Haard en het enthousiasme van professionals
waarmee de proeftuin gepaard gaat hebben mij iets doen laten realiseren: inconsistentie is goed en is echt iets anders dan willekeur. De studieboeken die ik tijdens mijn opleiding las verkondigden nog iets heel anders. Ik citeer: “Ambtenaren en overheden moeten wegblijven van inconsistentie, het kan namelijk leiden tot oneerlijke behandeling en overheidsfalen.” Vraag een gemiddelde student bestuurskunde naar inconsistentie en ze trekken een vies gezicht.

Anders denken

Op grote schaal is inconsistentie uiteindelijk ook niet wenselijk. Overheidshandelen dient over het algemeen voorspelbaar en eerlijk te zijn. De voorspelbaar- en beheersbaarheid van de organisatie is daarmee gediend. Maar geldt dit ook voor de inwoner met zijn eigen wensen en talenten? De ogen in het sociaal domein zijn te vaak nog naar binnen gericht met de nadruk op voorspelbaarheid, processen en procedures. In Nederland is de probleemstelling en het daarbij passende indicatielabel vaak leidend en voorspelbaar. Behoefte aan een zinvolle dag? Dagbestedingsindicatie! Bijstandsituatie? Een reïntegratietraject aan de lopende band! We moeten ons blijven afvragen wie baat heeft bij deze rechtlijnigheid.

Mijn antwoord: consistent inconsistent beleid met de wens van de inwoner als startpunt.

De inwaartse blik moet naar buiten gericht zijn. Inwoners komen dus niet meer naar een kantoor met een opgehouden hand, maar de professional gaat op de koffie bij de inwoner en luistert en handelt naar het verhaal van de inwoners. Inconsistent beleid op basis van diverse maatschappelijke vragen in plaats van consistente ordehandhaving en hokjesdenken. Het instituut of professional die werkt vanuit procedures en protocollen verliest de kern namelijk uit het zicht, reduceert de inwoner en zet de deur op een kier voor nieuwe (toeslagen)affaires gestoeld op vooroordelen. Wanneer de inwoner zelf antwoorden heeft op de vragen: wat wil ik, wat kan ik en wat heb ik nodig, leidt dit tot veel meer wederzijds enthousiasme. Inwoners raken sneller uit de penarie, professionals hebben meer plezier in hun werk en niet onbelangrijk, inwoners worden zelf eigenaar van hun ontwikkeling. De overheid niet als labelend postkantoor met talloze retourzendingen maar als facilitator van maatschappelijke wensen.

De proeftuin

De proeftuin is een bijzonder en gedurfd project, en het werpt zijn vruchten af. Wachttijden zijn korter, er wordt geld bespaard op individuele casussen en inwoners ervaren een beter welzijn. Men heeft lef getoond door de inwoner op 1 en de organisatiebelangen op 2 te zetten.

Het laat zien dat productieprikkels, indicatiedenken en harde organisatiegrenzen voornamelijk constructies zijn om de boel beheersbaar te houden. Dat daarmee het stuur uit de handen van de inwoner wordt overgenomen en men daardoor in rondjes wordt rondgestuurd nemen we blijkbaar op de koop toe. Door ruimte te maken voor inconsistentie maken we ruimte voor de verschillende routes van inwoners.

Deze afgelopen 8 maanden ben ik in ieder geval consistent verrast. Ik ben blij dat ik door de proeftuin heb kunnen wandelen.